Cat.04: Gedichten
Mijn ware ‘ik’
Decennialang leefde ik achter hoog opgetrokken muren, gevangen in een identiteit die niet de mijne was. Dit gedicht is het verhaal van mijn reis: van de veilige stilte van het hokje naar de bevrijding van mijn ware ‘ik’.
Mijn ware ‘ik’
Gekerkerd in andermans venijn,
trok ik een grens van vierkante meters.
Ik moest wel de architect van de schaduw zijn,
verstopt achter geleende letters.
Een vesting van steen, een masker van glas,
ik zat aan een raam van eenrichtingsverkeer.
Ik zag hoe de wereld aan het feesten was,
maar niemand zag mij, keer op keer.
De seizoenen verstreken, de muren verdorden,
de stilte werd stoffig, de adem werd koud.
Ik ben aan het metselwerk gaan sjorren,
brak steen voor steen af, zo ongewild stout.
Pas toen het zilver mijn slapen raakte,
kroop ik heel teder uit de plint.
Een naakte ziel die zich zichtbaar maakte,
maar de schaduw van vroeger nog bindt.
Men keek eerst schuw naar mijn open gelaat,
kwetsbaarheid bleek de gouden sleutel.
Mijn onzekerheid brokkelde af op de straat,
de angst werd een overwonnen heuvel.
De krappe jas ligt nu op de vloer,
de kamer die knelde is veel te klein.
Het hokje was een bittere overlevingstoer,
ik sluit de deur die er nooit had mogen zijn.
De waarheid is dat Ik ben,
en niet dat wat je ziet.
Zelfs mijn naam is mooi;
het begin van een vernieuwd lied.
HetPadDerLiefde.nl


Innerlijk Heiligdom
Mijn ware ‘Ik’
In Memoriam: Maria Bruines
Tussen hoop en hapering
De Echo van Vreemde Grond
Verloren geboortedag
De korte oversteek
De Dans van het Water
Leren leven in de luwte
Horizon van dromen
De Symfonie van de Ziel
Flonk’rend Hartslagen